Banner stratenplan

Complete wijken? Dat zijn wijken voor alle generaties

Het is bekend dat Nederland in de komende jaren in hoog tempo vergrijst. Toch blijft het woonaanbod voor de diverse groep senioren ver achter bij zowel de demografische verwachting als de geformuleerde ambities. Hoe komt dat en waar liggen mogelijkheden om complete wijken voor alle generaties te realiseren?

Door Joost Zonneveld

Aandachtpunten bij het realiseren van meer woonvariaties voor senioren1:

- Het loont als gemeente, ontwikkelende partijen en ouderenorganisaties meer samen optrekken in gebiedsontwikkelingen, om de woonwensen en -belangen van senioren beter in de uiteindelijke plannen te krijgen.

- Neem sociale ambities en bijbehorende voorzieningen al in de initiatieffase van gebiedsontwikkelingen mee. Dat vraagt een visie van de gemeente, inclusief het vasthouden daaraan tijdens de uitwerking en daadwerkelijke uitvoering van de plannen.

- Factoren die van belang zijn voor de leefomgeving van senioren, zijn o.a. variatie van woonvormen, nabijheid van voorzieningen, stimuleren van ontmoeting in de openbare ruimte, samenwerking tussen de domeinen sociaal en fysiek, en co-creatie met (toekomstige) bewoners.

- Geef meer aandacht aan beter benutten van het bestaande, zoals kleinschalige vormen van verdichting of transformatie.

- Zoek naar koppelkansen, naar manieren om het sociale en ruimtelijke meer met elkaar te verbinden.

- Kijk ook slim naar hoe je de businesscases van seniorenprojecten sluitend kunt krijgen.

1 Artikel Gebiedsontwikkeling voor alle generaties; wijken waar je goed oud kunt worden, Platform31, 2026

Hans Adriani van het Aanjaagteam Wonen, Welzijn Zorg voor Ouderen (WWZO) probeert meer aandacht te krijgen voor een prettige woon- en leefomgeving voor ouderen. Om de noodzaak daarvan duidelijk te maken, schetst hij het beeld van de forse vergrijzing die op de Nederlandse maatschappij afkomt. ‘De vergrijzing is geen tijdelijke piek,’ zegt Adriani. ‘We komen op een hellingbaan die de vergrijzing naar een hoger plateau brengt’. Dat betekent voor langere tijd dat meer mensen op hoge leeftijd in onze samenleving goed moeten wonen. Dat vraagt om een specifiek aanbod, vanwege de fysieke en mentale beperkingen die gepaard kunnen gaan met ouderdom. Bovendien moeten senioren sinds het afschaffen van de bejaardenhuizen langer zelfstandig blijven wonen.

Te weinig seniorenwoningen

‘Als we de zorg op het niveau willen houden van 2026 dan zou in 2040 één op de drie werknemers in de zorgsector werken’, vervolgt Adriani. Daarom is er veel aan gelegen om mensen tot op hoge leeftijd zo vitaal en gezond mogelijk te houden. ‘Een deel van de oplossing zit in het creëren van zorgzame woongemeenschappen,’ zegt hij, ‘dat is goed voor zowel de fysieke als mentale gezondheid’. Het gaat dan om omgevingen waar bewoners elkaar gemakkelijk ontmoeten om gezamenlijk activiteiten te ondernemen en waar zij naar elkaar kunnen omkijken. En daar ligt een forse opgave. Adriani: ‘We zijn in de afgelopen halve eeuw vooral bezig geweest om woonomgevingen te creëren waar we elkaar niet ontmoeten’.

De huidige woningbouwopgave zou daar verandering in kunnen brengen. ‘Om in te spelen op de behoeften van de vergrijzende bevolking, zou ieder jaar een kwart van de beoogde jaarlijkse productie van 100.000 woningen in Nederland voor senioren beschikbaar moeten komen’, rekent Adriani voor. Het gaat dan om woningen zonder drempels en die gelijkvloers zijn, en waar ontmoeten voor de doelgroep gemakkelijk wordt gemaakt. Daarvan bestaan al zo’n 200 geslaagde projecten in het land, zowel grondgebonden als gestapeld, maar het zijn er te weinig.

Beschikbaar op papier

In de woondeals zijn ambities vastgelegd over (onder) meer ( of meer?) seniorenwoningen. Toch komt de bouw hiervan nauwelijks van de grond. Exacte cijfers ontbreken, maar twee procent is volgens Adriani een redelijke schatting. ‘Dat is echt veel te weinig’. En dat heeft te maken met de manier waarop gebieden ontwikkeld werden, en zoals het nog steeds gebeurt, zegt hij. Hij noemt het voorbeeld van een nieuwe wijk in een grote stad waar de bouw van 4.000 woningen op korte termijn begint. ‘Daar staan slechts 64 woningen voor senioren ingetekend’.

Het verweer van de gemeente is dat er heel veel meer nul-tredenwoningen komen, zowel in die specifieke nieuwe wijk als in alle gebiedsontwikkelingen in de gemeente. Die woningen zijn derhalve ook voor senioren beschikbaar.

Toch is het zeer de vraag of dat argument altijd goed uitpakt. Adriani laat beelden zien van een nieuwbouwwijk waar het parkeren is opgelost in een half verdiepte garage. Daardoor blijven de kosten voor de garage binnen de perken en zijn de auto’s goeddeels uit het zicht. ‘Maar het gevolg is dat de grondgebonden woningen allemaal voorzien zijn van trappetjes bij de entree. Dat zijn barrières voor ouderen die minder goed ter been zijn’. Kortom: die woningen zijn op papier beschikbaar voor de doelgroep, maar in de praktijk niet geschikt.

Geen sluitpost

Het verbaast niet dat Adriani probeert om gemeente, ontwikkelende partijen en ouderenorganisaties meer samen op te laten trekken in gebiedsontwikkeling om de woonwensen en -belangen van senioren beter in de uiteindelijke plannen te krijgen.

Hij staat daarin niet alleen, want ook Platform31 probeert toekomstbestendige gebiedsontwikkeling voor alle generaties aan te jagen. ‘Dat is iets waar iedereen in de samenleving iets aan heeft,’ zegt Myrthe Sietsma. ‘Als senioren een beter passende woonomgeving hebben, dan stroomt de woningmarkt ook door. Samen met Annette Duivenvoorden deed Sietsma onderzoek bij vijf gemeenten naar dit onderwerp. Om duidelijk te krijgen hoezeer zij aandacht hebben voor factoren die van belang zijn voor de leefomgeving van senioren. Het gaat dan om variatie van woonvormen, nabijheid van voorzieningen, stimuleren van ontmoeting in de openbare ruimte, samenwerking tussen de domeinen sociaal en fysiek, en co-creatie met (toekomstige) bewoners.

In dit onderzoek adviseren Duivenvoorden en Sietsma om sociale ambities en bijbehorende voorzieningen al in de initiatieffase mee te nemen. Anders is de kans levensgroot dat die een sluitpost worden, of uit de plannen verdwijnen. Daarvoor is een visie van de gemeente nodig, inclusief het vasthouden daaraan tijdens de uitwerking en daadwerkelijke uitvoering van de plannen. De onderzoekers roepen gemeenten ook op om zorg te dragen voor variatie van woonvormen passend bij de doelgroepen, zoals senioren. En meer aandacht te geven aan beter benutten van het bestaande, zoals kleinschalige vormen van verdichting of transformatie. Daardoor kunnen senioren naar een passende woning doorstromen en toch in hun eigen buurt blijven.

Liever hip en dynamisch

Een van de vijf gemeenten die Duivenvoorden en Sietsma onderzochten is Zwolle. Hoewel Zwolle de bakermat is van de inmiddels beroemde knarrenhofjes, worden er volgens de lokale stadsbouwmeester Sjoerd Feenstra te weinig seniorenwoningen gebouwd. De stadsbouwmeester heeft geanalyseerd welke projectgebieden op een aantal indicatoren in de Hanzestad geschikt zijn voor senioren. ‘Daar zijn voldoende mogelijkheden,’ aldus Feenstra.
Toch blijft bouwen voor de oudere doelgroep achter bij de ambities. Hij vermoedt dat twee andere aspecten de doorslag geven. Ten eerste worden jonge, creatieve, dynamische stedelingen door gemeenten al snel als een aantrekkelijke toevoeging voor de stad gezien. Daarnaast blijken businesscases gemakkelijker te sluiten zonder seniorenwoningen. Daarmee is dit segment vaak letterlijk het kind van de rekening, zeker in gebieden waar gemeenten niet of nauwelijks over eigen grond beschikt, zo maakt Feenstra duidelijk.

Samenredzame en complete wijken

Mogelijk dat de nieuwe lijn van het huidige kabinet om niet alleen op versnelling van de woningbouwproductie te focussen, maar vooral complete wijken te maken, soelaas biedt. Frank Reniers van het ministerie van BZK maakt duidelijk dat het Rijk de harde scheiding tussen het sociale en fysieke domein wil doorbreken door meer samen op te trekken met het ministerie van VWS. ‘We zijn nadrukkelijk op zoek naar koppelkansen, naar manieren om het sociale en ruimtelijke meer met elkaar te verbinden. Financieel en ook op de langere termijn. Want als je vroegtijdig investeert in groen, een gezonde leefomgeving en een volwaardig voorzieningenniveau waardoor senioren langer gezond en zelfstandig kunnen blijven wonen, dan leidt dat op termijn tot minder zorgkosten. Dat zijn lessen die we getrokken hebben uit de manier waarop we de naoorlogse wijken en de New Towns’ hebben ontwikkeld’.

Niet alleen voorzieningen maken een complete wijk, zo maakt Reniers duidelijk, voldoende seniorenwoningen horen daar ook bij. Maar hoe kan het Rijk daarvoor zorgen? Reniers: ‘In de woondeals tussen Rijk en de regio’s staan ook ambities over het realiseren van seniorenwoningen. Als die overal niet gehaald worden dan moeten we daar iets aan doen. Een van de mogelijkheden is dat we slimmer gaan kijken hoe we de businesscases van seniorenprojecten sluitend kunnen krijgen’.

Dit artikel is gebaseerd op onderdelen uit het programma van het negende Jaarcongres Stedelijke Transformatie, dat plaatsvond in de LocHal in de getransformeerde spoorzone in Tilburg en in het teken stond van grenzeloos samenwerken. Hoe doe je dat? En wat is daarvoor nodig? Op 13 april 2026 ging een diverse groep van ruim 400 professionals over dat thema met elkaar in gesprek.